Kunstbaarmoeder versus couveuse – Juno

door | mrt 4, 2022

Juno. De couveuse 2.0. In 2024 voor 3 miljoen geprototypeerd, door een team van ruim honderd mensen. Juno is bedoeld voor kindjes die wegens medische redenen extreem prematuur geboren moeten worden, dus tot een termijn van 28 weken.

Een kindje wordt vanuit de baarmoeder in deze kunstbaarmoeder overgeplaatst. Nog voordat het een eerste ademteug neemt, want het kindje zal onder water verder groeien. Een warme, donkere, steriele en stille plek, net als de baarmoeder. Maar dan mét 24/7 monitoring.
Jasmijn Kok is een van de oprichters van de spin-off van Juno. Ze vertelde me dat er tijdens de transfer drie minuten de tijd is om een kindje aan te sluiten op de artificiële placenta.
Een baanbrekend en veelbelovend onderzoek. Maar ingewikkeld.

Men loopt tegen ethische dilemma’s aan, waaronder de hechting.
Door het harde exterieur van de kunstbaarmoeder zou aanraking lastig zijn. Datzelfde geldt voor als men besluit een kindje langer dan tot 28 weken onder water te laten.
Met een transfertijd van drie minuten tussen baarmoeder en kunstbaarmoeder, kan je dan wel spreken van een geboorte? Is dit niet een voortzetting van de zwangerschap? Is voor het proces van hechting aanraking noodzakelijk? Weegt het medische belang van het kind op tegen het hechtings-component van voelen?

Toen mijn zoontje met 24 weken in een couveuse lag was mij duidelijk dat van een proces van hechting geen sprake was. Een doorschijnend klein diertje leek hij wel. Zijn oren nog niet gevormd. En zijn kleine bolle oogjes bleven voornamelijk dicht. Vince was druk met overleven en groeien. Later zouden emoties en trauma in de weg staan van hechting.

Hem zien groeien in een kunstbaarmoeder, zonder hem aan te raken. Of liever met mijn handen in de couveuse zijn dagelijkse lijdensweg aanschouwen bestaande uit pijnlijke verzorgingsmomenten, licht- geluids- en pijnprikkels, onderzoeken, prikjes, infusen, drie reanimaties, BPD problemen, vele infecties, NEC en ROP?
In het steriele vruchtwater van Juno had Vince geen infecties opgelopen. Hij was ook niet overprikkeld geraakt. Hij had niet dagelijks geprikt hoeven worden. En hij zou niet drie keer gereanimeerd zijn, ook niet tien keer geïn- en extubeerd. Hij had waarschijnlijk geen NEC gekregen, dus ook geen stoma en zeker geen ROP. Zijn ogen zouden niet aangetast zijn door zuurstof en hij zou de rest van zijn leven niet slechtziend verder moeten.
Ethisch dilemma.

Doneren

Vond je het een mooie aflevering en vind je Podcast Prematuur een mooi initiatief? Doneer je dan een klein bedrag? Een beetje helpt al heel veel 🙂

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Pin It on Pinterest

Share This